Ons kantoor – de Scholtenskoepel

Ons kantoor – de Scholtenskoepel

De koepel werd in 1979 gerestaureerd en is sindsdien in gebruik als kantoorruimte. De theekoepel is aangewezen als rijksmonument

Toen rond 1800 de Brandenburgersteeg nog op de Hereweg uitkwam, stond op de Zuidhoek een Herberg ‘alwaar ’t Fortuin uithing’. In de vorige eeuw kreeg het etablissement een andere naam en raakte minder ‘welbeklant’. Als ‘aangenaam buitenverblijf nabij den aan te leggen spoorweg’ werd het in 1864 samen met nog enige andere onroerende goederen voor ruim tien mille aangekocht door de grootindustrieel Willem Albert Scholten. Hoe ‘aangenaam’ de aankoop voor Scholten was bleek al twee jaar later toen hij voor bijna dezelfde prijs een deel van de grond doorverkocht aan de spoorwegen. Het ‘buitenverblijf’ liet hij afbreken om plaats te maken voor een nieuw ‘gebouw met Koepel’, ontworpen door zijn uit Arnhem afkomstige huisbouwmeester J. Maris.

‘Al het bestaande langs dien weg, hoe schoon en voortreffelijk op zich zelve, zal weldra in de schaduw worden gesteld door een nieuw te bouwen koepel en den aanleg van een tuin onmiddellijk aan de weg’, jubelde de Provinciale Groninger Courant nog voor er een steen gemetseld was.  Standbeelden (gratiën), enz. Al het benodigde natuursteen en marmerwerk werd door steenhouwer Rengers geleverd en bewerkt voor f 4650,-. In augustus 1869 was de koepel gereed. Scholtens biograaf, de doopsgezinde predikant en encyclopedist Winkler Prins, sprak van een ‘sierlijk tuinhuis, dat op zijne drie verdiepingen alles oplevert, wat gemak, weelde, kunstzin en goede smaak zelfs aan hoog gestelde eisen kunnen bezorgen.

Na Scholtens zijn overlijden in 1892 werd de koepel door de erfgenamen van de hand gedaan, maar zoon Jan Evert kreeg spijt en kocht de ‘heerenbehuizing’ in 1917 terug. Ruim een jaar later overleed ook hij en werd het gebouw opnieuw verkocht. De gemeente Groningen verwierf het in 1958 met de bedoeling het tezijnertijd te slopen in verband met verbreding van het viaduct. Nadaar dit gevaar was afgewend werd de koepel gerestaureerd. De in 1868-69 in Parijs gegoten gietijzeren beelden ‘zomer’, ‘herfst’ en ‘winter’ werden weer in de nissen geplaatst en de ‘lente’ werd aan de hand van de ‘winter’ gevormd.

Nu en toen!